Grenzen aangeven? Zo doe je dat!

grenzen aangeven

Vind jij grenzen aangeven lastig? Het is ook niet altijd makkelijk om voor jezelf op te komen

Toch is het wel ontzettend belangrijk, vooral omdat je er een hoop stress mee kunt verminderen. Daarom geef ik je in dit artikel 17 tips die je gaan helpen.

1. Voel en ontdek waar jouw grenzen liggen

Voordat je je grenzen goed kunt aangeven, moet je weten waar ze liggen. Als je moeite hebt met het aangeven ervan, is de kans groot dat je (nog) niet precies weet wat je grenzen zijn.

Ga daarom heel bewust na wanneer bij jou irritatie ontstaat in je communicatie met anderen. Dat kan al een minimaal onderbuikgevoel zijn. 

Wees dus heel alert, zodat je zo snel mogelijk jouw eigen grenzen ontdekt. 

2. Wees specifiek en duidelijk in wat je wilt

Als je wilt dat mensen je grenzen respecteren, moet je er ten eerste duidelijk over communiceren. 

Stel dat jij altijd de koffie voor je afdeling moet halen, terwijl je daar echt genoeg van hebt. Een boodschap als: “Tjonge, het is toch fijn als iemand anders de koffie eens haalt.”, is dan te vaag. 

Die collega van wie je hoopte dat hij zich aangesproken zou voelen, heeft totaal niet door dat jij je taak als een last ervaart. Wees liever zo specifiek mogelijk naar je collega’s. Wat verwacht jij van hen? Welke ideeën heb je daar zelf bij? Bv: “Bart, zou jij deze keer de koffie willen halen?”

3. Word niet (te snel) boos

Het is niet raar dat je af en toe eens flink boos wil worden als iemand keer op keer over je grenzen gaat. Maar ga eerst eens bij jezelf na wat jij kan doen om duidelijker je grenzen aan te geven. 

Opgespaarde boosheid is namelijk niet erg constructief. Een heftige reactie beschadigt eerder de relatie, dan dat hij er een positief effect op heeft.

Pas als je er zeker van bent dat je je grenzen meerdere malen duidelijk hebt aangegeven, mag je boos worden als daar niet naar geluisterd wordt. 

4. Verwoord je grens op een positieve manier

Ook al ben je geïrriteerd, of zelfs boos, blijf altijd op een constructieve manier communiceren. De ander heeft er niets aan als je hem alleen voor rotte vis uitmaakt. Integendeel, hij zal je waarschijnlijk niet meer serieus nemen. 

Wees dus duidelijk, maar doe dat op een vriendelijke manier. Denk altijd in mogelijkheden. Welke oplossing zie jij zelf bijvoorbeeld voor het probleem? 

Als je oplossingen aandraagt, ziet de ander dat je hem wel degelijk wilt helpen, ondanks dat je hem op dat moment niet volledig tegemoet kan komen. 

5. Praat met anderen over je grenzen 

Vind je het moeilijk om je eigen grenzen te duiden? Schakel dan de hulp van anderen in. Bespreek je dilemma’s eens met mensen die je goed kent en vertrouwt. 

Het is overigens niet de bedoeling dat die vrienden jou gaan vertellen wat jouw grenzen zijn. Laat hen een luisterend oor zijn en af en toe een kritische vraag stellen. 

Jij kunt dan ongestoord je twijfels en gedachten uitspreken. Vaak komen daar mooie resultaten uit voort. 

Overigens werkt een vergelijkbaar proces op papier ook erg goed. In beide gevallen gaat het vooral om het helder krijgen van je gedachten. 

6. Blijf bij jezelf

En dan komt het moment dat je jouw grens wilt aangeven. 

Wanneer je mentaal niet zo sterk bent, is het lastig om dat te doen. Hoe breng je die boodschap dan?

Werk altijd met een ik-boodschap. Daarbij ga je uit van je eigen gevoelens en wensen. Vertel de ander dat je het vervelend vindt ‘nee’ te zeggen, maar het toch doet. Bv: “Ik vind het prettig als je me voortaan voor 21.00 uur belt, want ik wil liever niet na 22.00 uur nog bellen”

Voorkom daarbij te allen tijde moddergooien, ook al is het de zoveelste keer dat die ander jouw grens over wil gaan. Blijf bij jezelf. Laat zijn aandeel in jouw beslissing er, waar mogelijk, buiten. 

7. Laat je lichaamstaal overeenkomen met wat je zegt

Op het moment dat je je ik-boodschap uitzendt, moet je ervoor zorgen dat die krachtig overkomt. Dat doe je niet alleen met de juiste woorden. Ook lichaamstaal heeft een belangrijke functie.

Sterker nog, onderzoek wijst uit dat bij een boodschap die gaat over gevoelens en opvattingen slechts 7% van de communicatie verbaal is. De rest gebeurt non-verbaal. 

Met deze simpele tips kom je krachtiger over:

  • Maak jezelf lang.
  • Kijk de ander aan. 
  • Gebruik een duidelijke stem, maar schreeuw niet. 
  • Spreek rustig en gedecideerd. 

8. Leer van je fouten

Grenzen aangeven leer je niet in één dag. Daar heb je best een tijdje voor nodig. Die weg zal ook zeker niet vlekkeloos verlopen. Je gaat fouten maken. Gegarandeerd. 

Op de geslaagde pogingen mag je uiteraard heel trots zijn. Vraag je ook eens af waardoor je op dat moment goed in staat was je grens aan te geven. Wat deed je goed? Wat kun je meenemen naar een volgende situatie?

De mislukte pogingen geven je ook heel veel informatie. Evalueer die momenten en leer van je fouten. Dat kan wel alleen als je bewust en kritisch terug durft te kijken naar een, wellicht pijnlijke, situatie.

9. Bouw met successen je vertrouwen op

Niets is zo mooi als succesbeleving. Bij elke geslaagde poging tot grenzen stellen groeit je zelfvertrouwen

Leg de lat daarom in het begin niet te hoog. Vooral niet als je van nature onzeker bent of regelmatig te maken hebt met rasechte manipulatoren

Wees tevreden met kleine overwinningen. Misschien is het je gelukt de ander aan te blijven kijken, in plaats van onzeker weg te draaien. 

Bouw je successen stap voor stap wat verder uit. 

10. Neem geen verantwoordelijkheid over

Dat iemand anders jou vraagt iets voor hem te doen, kan voelen als een hele eer. Als het keer op keer gebeurt, wordt het een ander verhaal. 

Het is natuurlijk handig voor die ander dat jij je zo verantwoordelijk voelt. Dat maakt je een makkelijk slachtoffer voor een manipulator

Vergeet niet dat die ander ook z’n verantwoordelijkheden heeft. 

Als je merkt dat een collega steeds de vervelende taken op jou afschuift, wijs hem dan op die verantwoordelijkheid. Samen dragen jullie de werklast; dat hoef jij niet alleen te doen. 

11. Besef dat jij verantwoordelijk bent voor je grenzen

Voor je eigen grenzen moet je je wél altijd verantwoordelijk voelen. Niemand anders gaat die voor jou bewaken.

Anderen, vooral mensen die zelf sterk zijn in het aangeven van hun grenzen, vinden het maar wat prettig als jij wat van die vervelende klusjes overneemt. 

Jij bent de enige die kan aangeven dat je dat niet wilt. 

Vind je dat moeilijk? Ga dan eens in gesprek met betrouwbare vrienden of collega’s. Desnoods vraag je advies bij je leidinggevende of bij een coach. 

12. Spaar je ongenoegens niet op

Aan het niet aangeven van grenzen kleeft nog een risico. Je wordt er, als je je frustraties maar lang genoeg opspaart, ontzettend explosief van. 

Ik kan me niet voorstellen dat je uitkijkt naar het moment dat je tot ontploffing komt in het bijzijn van die ene collega of vriend die steeds net over het randje gaat. 

Als je graag de relatie behoudt, voorkom je zo’n ontvlambare situatie liever. En dat lukt alleen als je eerder je ongenoegen uit. 

13. Wees consequent

Als het je dan gelukt is afwijzend op iemands verzoek te reageren (hoera!), blijf dan wel bij je standpunt. 

Het komt nogal kwetsbaar over als je direct overstag gaat wanneer de ander een week later zijn verzoek nogmaals bij je neerlegt. 

Nee is nee. 

Pas als je je aan deze basisregel houdt, worden je grenzen echt duidelijk. Wanneer je jezelf direct gewonnen geeft als de ander iets meer druk uitoefent, is je geloofwaardigheid ver te zoeken. En daarmee krijg je veel sneller scheve gezichten. 

14. Stop met de ander steeds te willen begrijpen 

Stel, jouw beste vriendin gaat door een lastige periode met haar partner. Ze vraagt jou steeds vaker of je op hun zoontje wil passen. Natuurlijk doe je dat; je wil haar graag helpen.

Intussen zit hun zoontje bijna dagelijks bij jou. Jij komt niet meer aan je eigen gezinsleven toe. 

Dit is een duidelijk voorbeeld van pleasegedrag. Het is prachtig dat je voor je vriendin klaar staat, maar je hulp mag nooit ten koste gaan van je eigen leven. Stel daarom op tijd grenzen, hoe moeilijk je dat ook vindt. 

15. Spreek je waardering uit 

Wanneer je voor het eerst grenzen gaat stellen, gaan mensen ook anders op je reageren. Ze zijn niet van je gewend dat je op je strepen staat. Daar moeten ze aan wennen. 

De kans is dan ook groot dat mensen minder positief op je meer zelfverzekerde houding gaan reageren. Het is zeker niet vanzelfsprekend dat ze je grenzen respecteren.

Daarom is het zo belangrijk dat je je waardering laat blijken als iemand dat wél doet. Het versterkt je relatie des te meer. 

16. Ga confrontaties niet uit de weg

Geen grenzen willen aangeven is een vorm van conflictvermijdend gedrag. Natuurlijk zijn discussies en ruzies niet alleen maar leuk. Maar ze zijn soms wel noodzakelijk. 

Door een heldere communicatie voorkom je een hoop onduidelijkheid en daarmee irritatie. Voor je het weet barst alsnog de bom.

Laat het niet zo ver komen. En dat iemand het niet prettig vindt dat jij nee zegt, wil niet zeggen dat hij jou meteen een naar persoon vindt. Verwar een negatieve reactie dan ook niet met een aanval op jou als persoon. Het is enkel een reactie op je boodschap. 

17. Weet dat je je grenzen mag aangeven

Het allerbelangrijkste is dat jij zelf gelooft dat het oké is om je grenzen aan te geven. Hoe vervelend de reactie van die ander ook is, jij hebt het recht om ‘nee’ te verkopen. 

Wees je daar altijd bewust van. Vooral omdat sommige mensen het haarfijn in de gaten hebben als jij makkelijk over je grenzen blijft gaan. Je wilt toch niet dat zij van je blijven profiteren?

Dus hoe moeilijk grenzen stellen ook is, je doet het voor jezelf. En pas als je voor jezelf zorgt, kun je voor de ander zorgen. 

Grenzen aangeven kun je leren

Ook al is de weg naar goed grenzen aangeven geen makkelijke, hij brengt je altijd naar een meer zelfverzekerde versie van jezelf. Blijf dus oefenen. Iedereen kan het. Jij ook. 

In welke situatie vond jij het moeilijk je grenzen aan te geven? Deel je verhaal in een reactie. 

Een bericht schrijven

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *